Mode en Textiel in de onderbouw
Zowel jongens als meisjes krijgen in de eerste - en de tweede klas 1 keer per week les in Textiel en Mode. In het derde leerjaar wordt dit een keuzevak. De lessen duren 2 x 50 minuten per week en zijn zowel theoretisch als praktisch. In het eerste jaar wordt veel aandacht besteed aan borduurtechnieken, het leren werken met de naaimachine. en het leren herkennen van en omgaan met materialen en gereedschappen.
De werkstukken die gemaakt worden zijn o.a kussens, knuffels, sieraden, vlaggen, tassen en eenvoudige kledingstukken. Zelfstandigheid, creativiteit, het combineren van materialen en kleuren worden hierbij gestimuleerd en ontwikkeld. De lessen kunnen mogelijk leiden tot een zinvolle vrijetijdsbesteding.
Met behulp van het computerprogramma "Textiel in het nieuw" worden de lessen ondersteund en kan de leerling zelfstandig aan de slag met een techniek. Ook het maken van diverse werkstukjes worden op deze wijze aangeboden.In een portfolio worden de resultaten, werkbeschrijvingen en de theorie verzameld.

Kubra uit klas 2C heeft tijdens de textiellessen een babypakje gemaakt voor het kindje van haar zus.
Nurbanu, ook uit 2c heeft de schoudertas zelf ontworpen en gemaakt
Tassen project
De leerlingen van groep 3a hebben de afgelopen periode een leuk tassen-project gedaan in de mode lessen.
Zij hebben hun eigen tas ontworpen!
Eerst hebben ze plaatjes bekeken van allerlei tassen en hebben toen een eigen ontwerp-tekening gemaakt. Daarna moesten ze uitrekenen hoeveel materiaal ze nodig hadden en wat er allemaal verder aan knoopjes, kraaltjes, garen en band aan te pas kwam.
Ze waren allemaal met een heel persoonlijke tas bezig. Hieronder kun je een aantal prachtige en heel verschillende werkstukken zien!
In de derde groep wordt er vooral gewerkt aan het maken van kleding en modeaccessoires. De leerlingen leren allerlei vaardigheden die nodig zijn om kledingstukken naar keuze te maken. Van de maat nemen en patronen maken uit een modetijdschrift tot het werken met de elektrische naaimachine, de lockmachine en de plakmachine toe. Ook wordt er gewerkt aan technieken zoals borduren, stofverven, breien, punchen en pailletten en kralen opnaaien.
In de vierde groep wordt er gewerkt aan het behalen van een KPC branche certificaat van MODINT, dat erkend is door het opleidings en ontwikkelingsfonds voor de confectie-industrie.
Productmatig werken De leerlingen worden voorbereid op het werken in een specifieke omgeving: het productmatig werken. Een groot aantal producten wordt in serie gemaakt. Zoals bijvoorbeeld de sloofjes, babyslofjes, sterrenmutsen, schorten enzovoorts.
Belangrijk hierbij zijn: je aan de afgesproken werkmethode houden, doorwerken en zelf werk zien, veilig werken, van kritiek willen leren, hulp durven vragen als het nodig is, je bijdrage leveren aan een geheel, op tempo werken, doorzetten, precies werken en aan je communicatieve vaardigheden werken.We gebruiken een leerlingenboek waarin instructie voor werkstukken te vinden is.
Ook staan hier allerlei opdrachten en vragen in. Alle leerlingen houden een map bij waarin alles wordt gedocumenteerd: het portfolio.
Modeshow

In het mode en textiellokaal is de laatste tijd hard gewerkt aan rokjes, jurkjes, bloesjes, vestjes en overgooiers.
Deze creaties moeten natuurlijk aan de wereld getoond worden. Tijdens de modeshow op 28 april konden de leerlingen onder luid applaus van de hele school hun zelf ontworpen en zelf gemaakte kleding showen.
Op naar Parijs!

|